Wijnweetjes

Op deze pagina hebben we wat zaken op een rij gezet die u kunnen helpen bij het uitzoeken van de juiste wijn voor u. Laat u zich niet afschrikken door de lange teksten. U kunt ook meteen naar het juiste onderwerp gaan voor de informatie die u zoekt.

 

Zoete wijn:

In alle druiven zitten suikers. Gist zet deze suikers om in alcohol. Deze vergisting gaat door tot er geen suiker meer over is. Om zoete wijn te krijgen moet óf de vergisting onderbroken worden (door toevoeging van alcohol of sulfiet) óf door toevoeging van een zoete component (bijvoorbeeld ongegist druivensap). Toevoegen van suiker is verboden. ZUUR is heel belangrijk voor zoete wijnen. Als de zuurgraad te laag is gaat de wijn té overdadig smaken.

Droge wijn:

Dit zijn wijnen waarbij de vergisting door is gegaan tot er geen suiker meer over was. De meeste wijnen, wit en rood, zijn droog.

Zuur:

Een stof dat ervoor zorgt dat de mond speeksel aanmaakt. Wijnen gaan er levendig en verfrissend door smaken. Elke wijn bevat zuren.

Tannine:

Deze stof zit in de schillen, pitjes en steeltjes van de druif. Het geeft een bitterheid aan de wijn. De aanwezigheid hangt af van de mate van het contact van de druivenschillen en het sap. Het kan een drogend gevoel in de mond veroorzaken. Het samentrekkend effect voel je vooral op het tandvlees.

Rode wijn:

Krijgt zijn kleur doordat de schillen en het sap samen in het vergistingsvat gaan.

Witte wijn:

Veel witte wijnen worden van blauwe druiven gemaakt. Doordat de schillen van het sap worden gescheiden blijft de wijn wit.

Rosé wijnen:

Ook deze soort van wijn verkrijgt zijn kleur door de schillen van de blauwe druif. De schillen en het sap worden eerder van elkaar gescheiden.

Body:

De omschrijving van hoe de wijn in de mond voelt (vol, gewicht, dikte).

Afdronk:

Hoe lang blijft de smaak van de wijn in de mond achter.

Beoordeling wijn:

Uiterlijk:

Hoe ziet de wijn eruit? Is deze troebel of helder? Wat voor kleur is de wijn (bijvoorbeeld granaatrood of robijnrood/geel of goudkleurig)?

Geur:

Laat de wijn in het glas draaien (walsen). Hierdoor komt er zuurtof in de wijn, die er voor zorgt dat de aroma's en smaken vrijkomen. Ruik nu de wijn en probeer te analyseren wat je ruikt. Wat voor vruchten ruik je? Is het zwart of rood fruit? Is het tropisch fruit of groen fruit? Ruik je kruiden of ruik je groenten? Of een combinatie van alles? Er is een keur aan geuren die je kunt ruiken in een glas wijn.

Smaak:

Voor het proeven geldt hetzelfde als voor het ruiken.

 

Wijn combineren met gerechten:

Probeer een goede balans te krijgen:

zoete gerechten combineer je het best met zoete wijn

zure gerechten combineer je het best met wijn die veel zuur bevat

stevig vlees combineer je het best met een wijn met veel tannine

vette olierijke gerechten combineer je het best met wijn met een hoge zuurgraad

 

Mocht u nog vragen hebben over wijn, laat dit ons dan weten. Wij beantwoorden ze graag voor u.